Authentiek

visit-spain-morell

Zoals over zoveel plekken op de wereld, bestaan er ook romantische ideeën over Andalusië. Spreek het woord Andalusië uit en je veroorzaakt een glimlach op veel gezichten. En heus niet alleen bij niet-Spanjaarden. Ook Spanje koketteert al sinds heugenis met Andalusische tradities, zoals de Flamenco, als haar belangrijkste gezicht naar buiten toe. Het is de laatste Europese bakermat naar de Afrikaans-moorse wereld. Met nog maar een heel klein stapje naar het zuiden zit je in Marokko en dat is alweer een heel andere wereld.
Veel Noord-Afrikaanse invloeden zijn nog voelbaar in Andalusië. Je hoeft maar door de oude stad van Ronda te lopen om die Moorse (en Romeinse) tradities te voelen.

Ook in het sociale gedrag herken je bij voorbeeld de enorme gastvrijheid, de langdurige begroetingsvormen en de sterke familiebanden. Sociale gedragsvormen die in het noorden van Europa (op uitzonderingen na natuurlijk) een stuk minder aanwezig zijn.

Dit viel mij temeer op toen ik de overstap maakte van Amsterdam naar een Zuid-Andalusisch dorp en drie jaar meedraaide in het sociale leven van Montecorto. Een dorpje in de provincie Málaga met nog geen 700 inwoners. Die periode in Montecorto was tevens mijn eerste langdurige verblijf in Spanje en ik was  er overwegend gelukkig. De warmte, de hartelijkheid; ik waande me in een perfecte wereld. Ik zag hoe iedereen dicht op elkaar samenleefde, elkaar verdroeg zonder noemenswaardige ruzies (in het openbaar) en hoe er altijd een vrolijke lach op het gezicht verscheen zodra je iemand aansprak.

Mijn directe buren hadden een gehandicapte jongen die iedereen ‘el niño’ noemde. Hij was als gezonde baby tijdens een moeizame bevalling met de tang verlost en had zware hersenbeschadiging opgelopen. Maar hij woonde gewoon bij de familie thuis en stond vaak voor de deur wat heen en weer te wiegen. Af en toe kwamen er harde geluiden uit zijn mond, een beetje overeenkomend met een vertraagde kookaburra. Met de vele uren die ik hem vanuit mijn raampje observeerde, vormde ik een hoopvolle conclusie dat hier een mens stond in zijn laatste reïncarnatie.

Vaak liep ‘el niño’ mijn huisje binnen want voordat ik het huurde, had hij daar gewoond met zijn familie. Het huisje had één slaapkamer, een kleine woonkamer en een nog kleiner keukentje. De wc was buiten aan de andere kant van de patio. Daar heeft dat gezin met hun twee kinderen (‘el niño‘ en zijn oudere zus) jarenlang gewoond. Toen de zus, naar ‘men’ zei in een disco, bezwangerd werd en een zoontje kreeg, verhuisden ze met z’n allen naar een iets groter huis om de hoek. In het begin was ik wel wat bang van ‘el Niño’. Het was een beer van een kerel en de dramatische geluiden die hij uitstootte, maakte het niet mij makkelijk om luchtig op hem te reageren. Maar zijn ouders waren altijd in de buurt en kwamen hem, indien nodig, direct bij mijn voordeur ophalen. Ik hoefde daarvoor niemand te waarschuwen, want mèt de ouders pasten ook alle andere buren een beetje op de jongen, die daardoor rustig buiten kon leven.

1996 sp mc

Ik woonde in de wijk ‘Nacimiento’, genoemd naar het rijkelijk stromende bronwater dat van boven op de berg naar beneden kabbelt en het hele dorp verkoelt tijdens de hete zomers. De vrouwen uit die wijk hadden mij geadopteerd en ik werd om de haverklap mee naar binnen gehaald voor een glaasje zelfgebrouwen ‘mistela’ of een bord ‘cocido’ (kikkerwten met veel spek, varkens- en kippenvlees). Ook kreeg ik altijd volop van hun zelfgeplukte vijgen, druiven, amandelen, tomaten en wat al niet meer uit hun tuinen kwam.

Mijn favoriete buurvrouwen waren Josefa en Clara. Josefa woonde vlak naast mij met haar man José, ‘el capador’ (de castreerder). Tot voor kort ging José te paard alle boerderijen in de wijde omtrek af om dieren, voornamelijk varkens, te castreren. Hij kwam dan meestal dronken thuis. Dat hij zijn huis haalde kwam voornamelijk omdat zijn paard precies de weg wist te vinden vanuit alle uithoeken van de Serrania de Ronda. José was een flamboyante man, vaak gekleed alsof hij op het punt stond om naar de feria te gaan. Altijd met zijn keurige weliswaar wat versleten krijtstreepbroek  en de onvermijdelijke breedgerande hoed op zijn hoofd. Zijn paard stond, nu José gepensioneerd was, voornamelijk op stal en werd door hem vertroeteld. Vaak liet hij mij hem zien en dan sprongen de tranen in zijn sentimentele dronkemansogen van de nostalgie over de oude tijden dat hij door de bergen trok, van dorp naar dorp.

Josefa was wijs, lief, oerhartelijk en eigenlijk ‘curandera’ (natuurgenezeres). Vooral voor vrouwenzaken, maar daar werd niet veel over gepraat. Vroeger woonde het echtpaar buiten het dorp in een vallei, die op een gegeven moment was uitgezocht om er een waterreservoir aan te leggen. Alle bewoners werden onteigend, de huizen en de zoutfabriek werden gesloten en de vallei liep na het bouwen van de dam vol met water. Nu is het een prachtig meer, el Embalse de Zahara, vooral nu het zo vol is na de hevige regenval van de afgelopen maanden. Het voelt bizar aan om te denken dat onder die diepe laag water een groep huizen ligt.

José en Josefa zijn na de onteigening naar het nabijgelegen Montecorto verhuisd en hebben daar een groot nieuw huis laten bouwen. Naast het grote huis bouwden ze ook een buitenkeuken, vooral bedoeld voor het boerenwerk, zoals de jaarlijkse ‘matanza’, de varkensslacht in de winter. En in die keuken kon je ze altijd aantreffen, in feite woonden ze daar. OLYMPUS DIGITAL CAMERAHet grote huis gebruikten ze alleen maar om in te slapen. In de buitenkeuken werd geleefd en daar heb ik ook vele aangename uurtjes doorgebracht. Ik weet nog de eerste keer dat ik bij ze langskwam. Ik was net in Spanje aangekomen en ging de buren begroeten. Josefa had een pan op het vuur waarin soep werd getrokken. Ik had kippen naast het huis zien scharrelen. Mijn spaans was nog niet zo best en ik vroeg haar of er een ‘polla’ in die pan zat, denkend dat dat spaans voor kip was. Josefa keek me even verbijsterd aan en begon toen heel hard te giechelen en kwam niet meer bij van het lachen. Nog vele jaren lang ben ik hieraan herinnerd door haar..

Clara was een heel ander soort vrouw. Ze was hard, verbitterd en intens verdrietig door het vroegtijdig overlijden van haar oudste zoon. Hij was politieman die tijdens het helpen van iemand met autopech aan de kant van de weg was aangereden en aan zijn verwondingen was overleden. Het heeft haar hart gebroken en hoewel ze nog een andere zoon had, kon die nooit de leegte opvullen die haar overleden zoon had achtergelaten. Het was wreed om te zien hoe ze haar nog levende zoon Felix negeerde en kleineerde. Haar schoondochter kon ze nog minder waarderen, maar ze was daarentegen wel blij met haar kleindochter. Die was de enige die een lachje op haar gezicht kon toveren.

Maar ik kon het toch goed met Clara vinden. Ze was ruw, bot en eerlijk. En, uitgekeken als ze was op haar buren, klampte ze zich vaak aan mij vast voor wat afleiding. Ze noemde me ‘la Hondalesa‘ en nam me mee naar haar donkere huis, waar de woonkamer vol stond en hing met ingelijste foto’s van haar overleden zoon. Haar eveneens overleden man was  schaapsherder geweest. Het moet een bijzondere man zijn geweest. Als analfabeet heeft hij zichzelf het schrijven en lezen aangeleerd en honderden schriftjes met dichterlijke aantekeningen gemaakt. Mijn engelse buurman heeft hem goed gekend en heeft dankzij de vele wandelingen met hem de omgeving tot in de kleinste details leren kennen. Iets waar hij nog steeds profijt van heeft als wandelgids van de omgeving. Maar Clara sprak nauwelijks over haar man, ze vond zijn dichterlijke geest ‘pamplinas‘, nutteloze flauwekul.

De rest van het dorp staarde me vanaf het begin altijd geinteresseerd aan zodra ik de deur uit kwam, om boodschappen te doen of gewoon even te wandelen. Vaak voelde ik de norse gezichten me nastaren. Als iemand die haar hele leven in een grote stad had gewoond, waar niemand elkaar echt aankijkt, voelde ik me er door geïntimideerd. Totdat ik ooit uit baldadigheid begon met iedereen die me aanstaarde hardop te begroeten. Ineens veranderden al die norse gezichten in verrassend vriendelijke en al dan niet tandeloos lachende hoofden.

Maar de allergrootste transformatie in het contact met de dorpelingen kwam pas toen mijn moeder een keer bij mij op bezoek kwam. 
Ik woonde al bijna een jaar in Montecorto en wist tot dan toe niet goed hoe diep de kloof was tussen mijn verschijning en de geïsoleerde dorpsperceptie. In hun ogen was het bizar dat een vrouw alleen naar de andere kant van de wereld was afgereisd, en niet eens voor een verloofde of voor werk! Ik kon in hun ogen net zo goed van een andere planeet zijn gekomen. Maar toen bleek plotseling dat ik, net als iedereen, een moeder had! Ze wilden haar allemaal ontmoeten en uitnodigen. Mijn arme moeder, ik weet niet hoeveel glaasjes mistela zij achterover heeft moeten slaan,  ze was een ware kermisattractie. Hetgeen ze overigens, met alle respect, heel elegant over zich heen heeft laten komen!

mistela4

Wat ik daarna niet doorhad was dat ik vanaf toen eigenlijk mijn sociale gedrag had moeten aanpassen. Nu ik tot mens was verklaard, kon ik ook eindelijk onderwerp worden van roddels en achterklap. Het was niet iets waar ik persoonlijk wakker van lag. Maar toen ik mijn Spaanse man leerde kennen en hij niet kon aarden in het dorp, besloten we na de geboorte van onze zoon toch maar lekker ècht buiten te gaan wonen. Geen stad, geen dorp meer. We wonen nu hier al ruim 15 jaar en hebben genoeg aan elkaar en de natuur.

DSC04109

Dit blog is genomineerd voor de Blogprijs PROEF SPANJE 2013 en heeft de tweede prijs gewonnen.

Uit het juryrapport: “Wat mij, als reisfotograaf, meteen opviel zijn de prachtige foto’s waarmee het blog opent. De inhoud en de belevenis van hoe het is om in zo’n kleine gemeenschap jezelf staande te houden is wat alle juryleden raakte. De beleving die een verhaal uitstraalt is iets wat vaak doorslaggevend is bij het beoordelen van de blogs. Het ons laten meevoelen met haar arme moeder die eindeloos glaasjes mistella moest achterover slaan gaf ons echt het idee dat we er bij waren, of er bij hadden moeten zijn”
Jurylid Rutger Geerling, journalist en fotograaf.

Advertenties

9 Reacties op “Authentiek

  1. Mooi, Holandalesa! Al lezend geniet ik van een dampend bord cocido dat mijn buurvrouw een uurtje geleden kwam brengen. Die “preñá” moet goed eten zal ze gedacht hebben, want met een knipoog zei ze dat ze er een extra stuk tocino in had gedaan. Geen acelgas dit keer want haar zoon komt thuis eten en die houdt daar niet van.
    Wij zijn een maand geleden van de campo naar een dorpje met 200 inwoners verhuisd en genieten van de hechte gemeenschap, het praatje in de “casapuerta” maar ook van de handigheid van de autoservicio om de hoek die alles lijkt te hebben, de huisarts die elke dag een uurtje spreekuur heeft, waar je moet zijn voor de laatste nieuwtjes en van de postbode die aanbelt met de post en een praatje.
    We wonen hier pas een maand en misschien gaat het benauwen maar tot op heden zijn we erg tevreden in Cantarranas.

    Gefeliciteerd met je nominatie voor de Proef Spanje Blogprijs. Je verdiend hem! Niet alleen om deze post maar voor al je mooie verhalen. Ik geniet ervan!

    • Hé wat een leuke reactie Areke!
      Ik denk dat ik best nog wel wat jaartjes in het dorp had kunnen wonen, ware het niet dat ik de liefde van mijn leven tegenkwam, die er anders over dacht.. Maar geniet van de warmte, het menselijk contact en al het goede dat bij het Andalusische dorpsleven komt kijken!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s